Jan Van Stalle's Duiven Paginas

De Slechtvalk

Slechtvalken en duiven

Ja, een rare combinatie; en de laatste jaren krijgen meer en meer duivenliefhebbers ermee te maken. In feite is het een clash van twee hobbies: duivenliefhebbers hebben een duivenhok met duiven en zijn dikwijls ook lid van een vereniging die hun hobby ondersteunt; aan de andere kant heb je “vogelaars” met een passie voor het observeren van vogels. Ze organiseren zich in verenigingen om waarnemingen te delen en te documenteren, om vogelgebieden te bezoeken, of vogelgebieden te beschermen samen met natuurverenigingen. Ik beschouw mij als supporter van beide partijen.

Mijn eerste waarnemingen van slechtvalken dateren van de jaren tachtig (vorige eeuw), ergens in het buitenland; het jaar kon niet meer stuk. Een slechtvalk was toen immers een zeldzame verschijning. Hier in de buurt kwamen slechtvalken eigenlijk niet voor; er werden wel nestkasten geïnstalleerd rond Gent en enkele andere locaties. Rond 2005 waren de aanvallen op tipplers zeer beperkt en vonden ze meestal plaats in de zomer (in de winter worden tipplers door de band niet losgelaten); ik veronderstel dat het dikwijls ging om juveniele exemplaren die hun kunsten uitprobeerden. In 2020 was het tamelijk erg; in het voorjaar verschillende vliegers verloren en ook bij het opleiden van de jongen werden er een paar opgepeuzeld; de andere hielden er een trauma aan over wat zich ook vertaalde in slechte vliegprestaties. 2021 is terug wat kalmer als het gaat over aanvallen van slechtvalken; mogelijk heeft het te maken met de jachtpatronen die ze elk jaar ontwikkelen; per slot van rekening hebben ze ook hun fourageer gewoontes; zijn er dit jaar minder juvenielen in de buurt? geen idee.

Voor tipplers en hoogvliegers over het algemeen is de situatie in Nederland en België ernstig te noemen. Bij de NVC zijn veel leden genoodzaakt te stoppen met hun hobby omdat geen enkele duif overleeft. Ook het ledenaantal van het NVC en de deelnemers aan wedstrijden is tot de helft gedaald. Bij elke uitslag van een wedstrijd zijn er diskwalifikaties te wijten aan roofvogel aanvallen; in veel gevallen gaat het over de slechtvalk.

Welke rassen?

De impact van slechtvalken op duivenhokken is niet overal hetzelfde. Er zijn geen cijfers over de rassen die er meer of minder last van hebben. Als het hok zich in de buurt van een slechtvalken nestkast bevindt wordt het wel voor iedereen moeilijk. Ze zitten gewoon te wachten totdat de duiven worden losgelaten. Bepaalde duivenrassen zijn natuurlijk gevoeliger dan andere. Vleesduiven die weinig vliegen of sierduivenrassen zullen waarschijnlijk weinig last hebben van roofvogel aanvallen (tenzij havik?). Voor vliegduivenrassen is het een ander verhaal. Hoe langer ze vliegen hoe meer de impact; ook de grootte en de kracht van de duif zullen een rol spelen. Hoogvliegende duive worden vlugger aangevallen dan laagvliegende rassen.

Het zijn dus vooral vliegrassen die worden aangevallen. Het talrijkst vertegenwoordigd zijn reisduiven. Toch denk ik dat de verliezen nog meevallen omdat het gaat over een krachtige duif maar cijfers ontbreken. Uiteindelijk is de slechtvalk een opportunist die de gemakkelijkste prooien vangt. Door de aard van deze pagina ben ik geneigd tipplers als eersterangs kandidaten te beschouwen. Ze vliegen traag (30 à 35 km per uur) en lang (10 à 15 uur) en zijn dus ideaal om opgemerkt te worden als prooi. Bij een aanval zie je twee strategiën: sommige exemplaren gaan stiphoog (500 m) om boven de slechtvalk te blijven. Die maken weinig kans omdat de slechtvalk dan ook meer tijd heeft om ze te slaan bij een duikvlucht. Andere exemplaren duiken meteen naar beneden en gaan ergens zitten. Die brengen het er meestal levend vanaf. Kan men rassen zodanig selecteren dat ze aanvallen beter kunnen afslaan? geen idee. Het doet me wel denken aan Escampadissa's, een ras dat gebruikt werd op de Balearen om roofvogels te vangen met speciaal gebouwde tillen.

Waar ging het fout?

Het is een feit dat het roofvogel bestand erg onder druk kwam na de tweede wereldoorlog, mede door het ongebreideld gebruik van pesticides en door het - ten onrechte - onsympathieke imago van roofvogels. Dit resulteerde in een aantal maatregelen/acties om de roofvogel populaties er terug bovenop te helpen, en met succes; In diezelfde periode was er een forse overlast van duiven in grote steden. Dat gaf mooie prentkaarten maar meer en meer werden ze ook beschouwd als overlast. Waar kwamen al die duiven vandaan? een deel van het antwoord is het slechte beheer van reisduiven verenigingen. Hun structuur is opgebouwd rond het organiseren van wedstrijden en de klassementen; een goede structuur voor het opvangen van verloren duiven ontbreekt; er zijn wel lokale initiatieven maar een globaal plan is er niet. Duivenverenigingen zijn voor een deel verantwoordelijk voor de overlast maar hebben het overgelaten aan private initiatieven om een oplossing te zoeken.

Grote steden hebben hoge gebouwen. Dat leent zich uitstekend tot het aantrekken van slechtvalken om de "duivenplaag" te bestrijden; het gaf de mogelijkheid om de slechtvalk populatie te herstellen en via webcams natuureducatie programma's op te starten. De slechtvalken doen hun werk maar blijkbaar heeft niemand de overweging gemaakt wat dat deed met de duiven van duivenliefhebbers, in een dichtbevolk duivenland zoals België.

In Nederland worden er voor het ogenblik zowat 200 broedparen gemeld (Vogelbescherming Nederland ); in België spreekt men van 69 broedparen in 2013; vandaag spreekt men over 80 nestbouwende broedparen (Valken voor iedereen ). Dat is veel, en dat voor een vogel die oorspronkelijk voorkomt in rotsachtige streken (in België bv de Maasvallei). De toename van slechtvalken is te verklaren door verbeterde milieu omstandigheden, maar ook door het aanbod van voedsel en nestgelegenheid. Voedsel is er genoeg; nestplaatsen zijn zeer beperkt tenzij je ze aanbiedt in de vorm van nestkasten.

Slechtvalken jagen vooral overdag en spreken natuurlijk tot de verbeelding door hun duikvluchten. In Brussel (maar ook andere steden met veel stadsverlichting) jagen ze ook 's nachts; de website Valken voor iedereen vermeld ook de prooien; bij de lijst van prooien ontbreekt de reisduis (of postduif) maar is de "stadsduif" wel opgelijst. Is dat selectieve blindheid? grappig is de foto van de "stadsduif" pluimen om de waarneming te documenteren; ik heb de foto hier gekopieerd. Dit is het eerste stadsduif met een telefoonnummer! Helaas betreft het een telefoonnummer van zone Antwerpen; ik ben benieuwd of de eigenaar ooit gecontacteerd werd.

Mijn indruk is dat er weinig coördinatie bestaat als het gaat over het plaatsen van nestkasten.

Natuurbehoud? echt?

De belangrijkste manier om de slechtvalken populatie uit te breiden is het plaatsen van nestkasten op hoge gebouwen; nestgelegenheid is meestal de beperkende factor en voedsel is er genoeg, o.a. reisduiven en andere vliegduiven. Daar gaat het dus fout; Natuurbehoud gaat vooral over het beschermen van natuurlijke biotopen; het blindelings plaatsen van nestkasten heeft evenveel zin als het plaatsen van nestkasten voor parkieten. Het vermindert trouwens de draagkracht voor roofvogels in het algemeen, want veel duivenliefhebbers kennen het verschil niet tussen een valk en een sperwer of havik; dat wordt duidelijk geïllustreert door de actie ondernomen door de Belgische duivenbond (KBDB) waar in het begin van de communicatie (ergens in 2020) verschillende roofvogels op één hoopje werden gegooid. Ook de communicatie van Natuurpunt liep op dit punt mank; er was o.a. een voorstel op reisduiven te laten vliegen met rollers (die door hun "gekke" rol de roofvogels zouden aantrekken). Het is niet mogelijk om diverse vliegduiven rassen te laten samenvliegen wegens een te verschillend vliegpatroon; tipplers bijvoorbeeld kunnen 15 uur vliegen en een roller houdt het ongeveer een half uur vol op een andere snelheid.

Inmiddels is er blijkbaar een dialoog op gang gebracht tussen natuurpunt en de KBDB. Deze dialoog is samengevat op deze pagina van de KBDB. Enkele opmerkingen

Slechtvalken vinden geen natuurlijke habitat in grote delen van Vlaanderen en Nederland. OK; ze zijn er nu en het zal moeilijk zijn om de situatie terug te draaien. De Slechtvalk populatie wordt aktief ondersteund door natuurverenigingen. Maar wat met andere inwijkelingen? De Canadese gans wordt reeds tientallen jaren actief bestreden; de argumentatie is dat het gaat om exoten, die bovendien veel schade berokkenen aan natuur- en landbouwgebieden. Daar kan ik inkomen; het zou niet slecht zijn om diezelfde argumentatie eens los te laten op de slechtvalken populatie; duivenliefhebbers ondervinden ook schade en een gepast beheer is op zijn plaats.

Conclusie

Houston, we have a problem! dat is het minste dat je kan zeggen. Er zal begrip nodig zijn aan beide kanten om tot een leefbare situatie te komen. Enkele pistes (aan te vullen):

Top